Veel rokers onderschatten nog altijd de gevaren van hun gewoonte. Velen denken dat de kans om er ziek van te worden niet zo groot is.
Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat rokers een andere werkelijkheid hebben dan niet-rokers. Van de 900 rokende volwassenen denkt twee op de drie dat zij net zoveel kans hebben om longkanker te krijgen als mensen die niet roken. De rokers maken zich dan ook niet zoveel zorgen. Vier op de tien rokers denkt dat slechte genen een grotere oorzaak zijn van longkanker dan roken.
Ook denkt eenderde van de onderzochte rokers dat zij de gevolgen ervan opheffen door veel te sporten en gezond te eten. Dat zij hun lichaam evengoed schade berokkenen door te roken, lijken zij te verdringen. Zodra rokers willen stoppen en daarvoor nicotinevervangers gebruiken, doen zij dat vaak verkeerd. Ze gebruiken nicotinevervangers meestal te kort, of brengen zichzelf in gevaar door toch te roken terwijl ze bijvoorbeeld ook nicotinepleisters dragen. Dit kan leiden tot een hartaanval
De onderzoekers zijn geschokt over de uitkomsten en vinden dat er meer voorlichting nodig is zodat meer mensen zullen overwegen om te stoppen.